
Live reisverslag Hermien Roddenhof (He-Ro.): van Salt lake city, UT naar Denver, CO
Startdatum: | 2011-08-29 | Startpunt: | Salt lake city, Utah |
Einddatum: | 2011-09-27 | Eindpunt: | Denver, Colorado |
Aantal volwassenen: | 2 | Vervoermiddel heen & terug: | Vliegtuig () |
Aantal kinderen: | 0 | Vervoermiddel ter plaatse: | Camper () |
Informatie, inleiding en conclusie:
Reisblog of topicHallo allemaal,
over een week vertrekken we weer maar Amerika. Een maandje rondreizen van af Salt Lake City naar Denver. We hebben een globale route in ons hoofd en willen relaxed rondtrekken.
Een reis met een hoog KWW gehalte. (kiek,n wat t,wordt).
Als Afrika ganger zal ik wel weer erg moeten wennen aan the way off life in the USA denk ik.
Ik wil wel bloggen, maar ben niet zo'n en toen, en toen, mens. (zie mijn blog over Afrika, Haiti etc.) Mijn vraag is dan ook , is een meer beschouwend verhaal ook leuk om te lezen op dit forum?
over een week vertrekken we weer maar Amerika. Een maandje rondreizen van af Salt Lake City naar Denver. We hebben een globale route in ons hoofd en willen relaxed rondtrekken.
Een reis met een hoog KWW gehalte. (kiek,n wat t,wordt).
Als Afrika ganger zal ik wel weer erg moeten wennen aan the way off life in the USA denk ik.
Ik wil wel bloggen, maar ben niet zo'n en toen, en toen, mens. (zie mijn blog over Afrika, Haiti etc.) Mijn vraag is dan ook , is een meer beschouwend verhaal ook leuk om te lezen op dit forum?

Route van dag tot dag:
Dag 1: | Amsterdam/Schiphol, UT |
Dag 2: | Wendover, UT naar Twin Falls, ID |
Dag 3: | |
Dag 4: | Twin Falls, ID naar Grand Teton NP., WY |
Dag 5: | Grand Teton NP., WY |
Dag 6: | Craters of the Moon, ID naar Grand Teton NP, WY |
Dag 7: | Grand Teton NP, WY naar Yellowstone.NP, WY |
Dag 8: | Yellowstone.NP, WY |
Dag 9: | Yellowstone NP, WY naar Gardiner., MT |
Dag 10: | Gardiner, MT naar Yellowstone NP, WY |
Dag 11: | Yellowstone NP, WY |
Dag 12: | Yellowstone NP., WY naar Grey Bull, WY |
Dag 13: | Grey Bull, WY |
Dag 14: | Devils Tower., SD naar Elk Creek campground, bij Rapid Cit, SD |
Dag 15: | |
Dag 16: | Elk Creek campground, SD naar Badland NP, SD |
Dag 17: | |
Dag 18: | |
Dag 19: | Badlands NP, SD naar Estes Park, CO |
Dag 20: | Estes Park, CO |
Dag 21: | |
Dag 22: | Rocky Mountain NP, CO naar Rocky Mountain NP, CO |
Dag 23: | Rocky Mountain NP, CO |
Dag 24: | Moraine Campground, CO naar Grand Lake., CO |
Dag 25: | |
Dag 26: | Grand Lake, CO naar Chatfield State park., CO |
Dag 27: | Chatfield State park., CO |
Dag 28: | |
Dag 29: | |
Dag 30: |
Terug naar boven
Dag 2: Dinsdag 30 Augustus 2011
Van: Wendover, UT, United StatesNaar: Twin Falls, ID, United States
In alle staten.
Letterlijk, de start in Utah, dan Nevada in over de bergen en prairies, woest en leeg is het landschap, hier en daar een paar koeien en een afgelegen ranch, onzichtbaar maar het bord Pointer Ranch 4 ml, verraad dat er leven is. Meer dan 100ml, en bijna geen mens te zien. De camper trekt prima op in dit bergachtige gebied, slechts een voorproefje van wat ons nog te wachten staat. Van 1600mt over een paar passen van 1800 mt. en weer afdalen. Vandaag rijd ik mijn eerste 125 mijlen. Gaat prima, cruise controle, zo, n 60 mijl per uur, relaxed. Je vergeet bijna dat je zo’n bak achter je hebt. Beetje zijwind gevoelig dat wel. De Higway 93 North volgen we. Idaho heet ons welkom, staat op het bord. Langzaam verandert het landschap in een landbouwgebied. Er wordt druk gehooid, gemaaid, en balen stro geperst. Rijen hooi balen liggen over kilometers verspreid. Anton haalt z’n hart op aan al dat fraais. We lunchen aan de Salmond Creek. Geen zalm te zien, maar wel een mooi plekje. Twin Falls is de eindbestemming van vandaag. Op een rustig Koa camping vinden we een plaats onder de bomen. Het zwembad lokt. In de verte ronkt een combine. De temperatuur is 25 C met een frisse wind. Ik kook een heerlijke pasta met een rode saus en gehakt en broccoli. De Rosé van een onbekend merk blijkt heerlijk fris te smaken. De camping loopt vol tegen de avond. De ene grote camper, trailer of sleurhut combinatie na de ander vind een plek. We kijken ons de ogen uit, de zijwanden schuiven uit, schotel antenne omhoog, barbecue er uit, 2 stoeltjes…….En meestal 2 mensen al dan niet vergezeld van een hondje van een onbestemd ras in een voertuig zo groot als een stadsbus. Utah, Nevada, Idaho, wordt vervolgd met Wyoming, Montana en South Dakota, Nebraska en eindpunt Colorado. Met recht in alle staten……
Letterlijk, de start in Utah, dan Nevada in over de bergen en prairies, woest en leeg is het landschap, hier en daar een paar koeien en een afgelegen ranch, onzichtbaar maar het bord Pointer Ranch 4 ml, verraad dat er leven is. Meer dan 100ml, en bijna geen mens te zien. De camper trekt prima op in dit bergachtige gebied, slechts een voorproefje van wat ons nog te wachten staat. Van 1600mt over een paar passen van 1800 mt. en weer afdalen. Vandaag rijd ik mijn eerste 125 mijlen. Gaat prima, cruise controle, zo, n 60 mijl per uur, relaxed. Je vergeet bijna dat je zo’n bak achter je hebt. Beetje zijwind gevoelig dat wel. De Higway 93 North volgen we. Idaho heet ons welkom, staat op het bord. Langzaam verandert het landschap in een landbouwgebied. Er wordt druk gehooid, gemaaid, en balen stro geperst. Rijen hooi balen liggen over kilometers verspreid. Anton haalt z’n hart op aan al dat fraais. We lunchen aan de Salmond Creek. Geen zalm te zien, maar wel een mooi plekje. Twin Falls is de eindbestemming van vandaag. Op een rustig Koa camping vinden we een plaats onder de bomen. Het zwembad lokt. In de verte ronkt een combine. De temperatuur is 25 C met een frisse wind. Ik kook een heerlijke pasta met een rode saus en gehakt en broccoli. De Rosé van een onbekend merk blijkt heerlijk fris te smaken. De camping loopt vol tegen de avond. De ene grote camper, trailer of sleurhut combinatie na de ander vind een plek. We kijken ons de ogen uit, de zijwanden schuiven uit, schotel antenne omhoog, barbecue er uit, 2 stoeltjes…….En meestal 2 mensen al dan niet vergezeld van een hondje van een onbestemd ras in een voertuig zo groot als een stadsbus. Utah, Nevada, Idaho, wordt vervolgd met Wyoming, Montana en South Dakota, Nebraska en eindpunt Colorado. Met recht in alle staten……
Terug naar boven
Dag 4: Donderdag 1 September 2011
Van: Twin Falls, ID, United StatesVia: Craters of the Moon ,Jackson.
Naar: Grand Teton NP., WY, United States
Terug naar boven
Dag 6: Zaterdag 3 September 2011
Van: Craters of the Moon, ID, United StatesNaar: Grand Teton NP, WY, United States
Topje van de ijsberg.
Van uit de camper kijken we uit over de heuvels /bergen van de Grand Teton NP. In de verte zien we de top van de Mnt.Grand Teton.
Vrijdag 2 september alweer. De afwisseling in landschappen is verbijsterend mooi. Eergisteren verlieten we de campsite in Twin Falls ,Idaho. Een prachtige rit naar Craters of the Moon NP.
Een bizar vulkanisch landschap. Het schijnt dat het er op de maan ongeveer zo uit ziet.
We zijn vroeg, we melden ons bij het Visitors Center en krijgen een handvol gratis informatie mee. Bij de poort gebruik ik de Nationale Parken pas en we mogen naar binnen. Op de campground zoeken we een mooie plek tussen de lava resten. We starten met de park loop, zo, n 20 ml geasfalteerde weg die langs alle bezienswaardigheden leidt. Bij een mooi vieuwpoint gebruiken we de lunch en genieten van de mooie omgeving. Je kunt een top beklimmen, wat we doen natuurlijk. Ik geniet enorm van deze klim, zonder pijn in de heup, ik loop gedachteloos naar boven!! Het uitzicht is verbijsterend, zover je kunt kijken lava velden, vulkaan resten, grotten en tunnels. Een eind verder lopen we 4 km de lava velden op, via een trail. De Indian tunnel, een lava tube van zo, n 500 mt kunnen we niet weerstaan. We dalen af en klauteren en zien de meest grillige en bizarre lava formaties. Later lees ik dat je hiervoor een permit moet hebben;), om de white-nose-syndrome schimmel niet te verspreiden. Een levensbedreigende ziekte voor de Bats, Vleermuizen, in Craters of the Moon. Je herkent de zieke vleermuis aan, ja inderdaad, de witte neus. (Zouden meer ziekten moeten hebben, Aids bv.) We gaan nog twee grotten in, mooi maar eng en koud. Het is zo, n 25 c, maar als je zo, n grot in loopt slaat algauw de damp van je af en bevriest je adem. Genoeg excitement voor vandaag.
De parkranger houdt om half 9 een praatje in de openlucht. Het is stervenskoud op de metalen bankjes. Bibberend horen we haar, tís een jonge dame, met een vreselijk irritant hoog stemmetje aan en horen dus dat we de hele vleermuizenpopulatie in gevaar hebben gebracht om zonder permit de grotten in te gaan. Gelukkig bleek ook dat we de permit zondermeer hadden gekregen omdat we alle vragen met nee konden beantwoorden.'Pffffff. De nacht was koud, we konden maar niet warm worden, het zal zo, n 6 graden boven 0 zijn geweest. De 4 lullige dunne fleece dekentjes die bij de uitrusting van de camper horen,en de pyjama waren niet genoeg om lekker door te kunnen slapen. Natuurlijk kan de kachel aan, maar dat is een beetje tegen ons principe;).
Aangezien het echte werk nu pas gaat beginnen, Grand Teton en Yellowstone, met nog koudere nachten in de bergen hebben we onderweg een dikke slaapzak aangeschaft.
Door een afwisselend landschap van landbouw en bergen, canyons en langs de Snake River arriveren we om 3 uur in Jackson, een klein toeristen stadje aan de voet van het NP.Grand Teton. Het uitzicht op de enorme bergketen is fantastisch. We lopen even door het stadje en vinden het aardig maar erg toeristisch. Gauw de natuur in, op campsite de Grose Ventre vinden we een mooie plek met zoals gezegd uitzicht op het topje van de ijsberg.
Van uit de camper kijken we uit over de heuvels /bergen van de Grand Teton NP. In de verte zien we de top van de Mnt.Grand Teton.
Vrijdag 2 september alweer. De afwisseling in landschappen is verbijsterend mooi. Eergisteren verlieten we de campsite in Twin Falls ,Idaho. Een prachtige rit naar Craters of the Moon NP.
Een bizar vulkanisch landschap. Het schijnt dat het er op de maan ongeveer zo uit ziet.
We zijn vroeg, we melden ons bij het Visitors Center en krijgen een handvol gratis informatie mee. Bij de poort gebruik ik de Nationale Parken pas en we mogen naar binnen. Op de campground zoeken we een mooie plek tussen de lava resten. We starten met de park loop, zo, n 20 ml geasfalteerde weg die langs alle bezienswaardigheden leidt. Bij een mooi vieuwpoint gebruiken we de lunch en genieten van de mooie omgeving. Je kunt een top beklimmen, wat we doen natuurlijk. Ik geniet enorm van deze klim, zonder pijn in de heup, ik loop gedachteloos naar boven!! Het uitzicht is verbijsterend, zover je kunt kijken lava velden, vulkaan resten, grotten en tunnels. Een eind verder lopen we 4 km de lava velden op, via een trail. De Indian tunnel, een lava tube van zo, n 500 mt kunnen we niet weerstaan. We dalen af en klauteren en zien de meest grillige en bizarre lava formaties. Later lees ik dat je hiervoor een permit moet hebben;), om de white-nose-syndrome schimmel niet te verspreiden. Een levensbedreigende ziekte voor de Bats, Vleermuizen, in Craters of the Moon. Je herkent de zieke vleermuis aan, ja inderdaad, de witte neus. (Zouden meer ziekten moeten hebben, Aids bv.) We gaan nog twee grotten in, mooi maar eng en koud. Het is zo, n 25 c, maar als je zo, n grot in loopt slaat algauw de damp van je af en bevriest je adem. Genoeg excitement voor vandaag.
De parkranger houdt om half 9 een praatje in de openlucht. Het is stervenskoud op de metalen bankjes. Bibberend horen we haar, tís een jonge dame, met een vreselijk irritant hoog stemmetje aan en horen dus dat we de hele vleermuizenpopulatie in gevaar hebben gebracht om zonder permit de grotten in te gaan. Gelukkig bleek ook dat we de permit zondermeer hadden gekregen omdat we alle vragen met nee konden beantwoorden.'Pffffff. De nacht was koud, we konden maar niet warm worden, het zal zo, n 6 graden boven 0 zijn geweest. De 4 lullige dunne fleece dekentjes die bij de uitrusting van de camper horen,en de pyjama waren niet genoeg om lekker door te kunnen slapen. Natuurlijk kan de kachel aan, maar dat is een beetje tegen ons principe;).
Aangezien het echte werk nu pas gaat beginnen, Grand Teton en Yellowstone, met nog koudere nachten in de bergen hebben we onderweg een dikke slaapzak aangeschaft.
Door een afwisselend landschap van landbouw en bergen, canyons en langs de Snake River arriveren we om 3 uur in Jackson, een klein toeristen stadje aan de voet van het NP.Grand Teton. Het uitzicht op de enorme bergketen is fantastisch. We lopen even door het stadje en vinden het aardig maar erg toeristisch. Gauw de natuur in, op campsite de Grose Ventre vinden we een mooie plek met zoals gezegd uitzicht op het topje van de ijsberg.
Terug naar boven
Dag 7: Zondag 4 September 2011
Van: Grand Teton NP, WY, United StatesNaar: Yellowstone.NP, WY, United States
Grand Teton.
2 thermometers, 1 voor binnen en 1 voor buiten, en een dikke slaapzak hebben we gekocht omdat het s’nachts wel heel erg afkoelt. Heerlijk liggen we nu onder een dikke deken, net als vroeger, lekker zwaar. 5 C is het binnen zie ik als ik er s’nachts een keertje uit moet, brrrrrr. Buiten onder 0.
Kijk, een Eland, zegt Anton als hij het gordijn weg trekt Vlak voor onze camper steekt hij over, het is amper licht. Even later komt nr twee, een grote Elandstier, Moose noemen ze die hier. Deze blijft staan grazen en poseren voor iedereen die met de camera in aanslag, sommigen nog in pyjama, hoewel dat weet je nooit zeker hier met die Amerikanen, komt aangelopen. Dat is nog eens leuk ontbijten!
We rijden het Grand Teton N.P. in via de 89. Het uitzicht op de bergen is verbijsterend. In volle glorie richten ze zich op tot meer dan 3.500 mt. Op de vlakte, in de vallei lopen bizon, s en pronghorns.
Signal Mountain campground, de mooiste, aan het grote Jackson Lake.Een heuvelachtig terrein, schaduw plekken, een strandje, een paar plekken waar je de boot te water kunt laten, een grote lodge iets verder op, een restaurant en gratis internet.
Well done, grijnst een Amerikaan in een grote pick-up truck. Een rijtje auto, s staan geduldig te wachten en te kijken hoe Anton feilloos de 25 ft camper achteruit in parkeert op onze site. Ik houd de overhangende takken in de gaten. Pffffffft. We besluiten meteen 2 nachten te blijven.
We wandelen langs het Jackson Lake, zitten op een grote steen ademloos naar de bergen voor ons te kijken. Het is warm, 35c minstens. Bij de lodge halen we informatie, er is een park shuttle die je overal heen rijd.
s’Avonds worden overal om ons heen vuren gestookt. Er is geen stroom dus een mooi gezicht in het donker. Het koelt snel af, de dikke deken komt weer goed van pas.
Om half 7 loop ik langs het meer, de eerste zonnestralen kleuren de bergen, de damp slaat van het meer, het is doodstil. Later nemen we de shuttle naar Jenny Lake, de mooiste plek van de Teton zeggen ze. Met een boot steken we het meer over en lopen we twee trails. Eerst naar de Hidden Falls, een mooie waterval en daarna nog hoger op naar Inspiration point. Het uitzicht is prachtig. Het meer, de bergen, sneeuw en gletsjers. Adem benemend, vooral door de hoogte. In korte tijd zijn we 1000mt gestegen, van +/- 1700 mt naar 2700 mt. We lopen nog een stuk door naar de verborgen Canyon, dan wordt het ons te warm (37c) en dalen weer af naar het meer waar we verkoeling zoeken.
Bibberend sta ik maandag ochtend om 7.00 bij de lodge. Ik ga een boottrip maken op de Snake River, Anton draait zich nog eens lekker om, na de kanotocht in de Okavanga Delta in Botswana, krijg ik hem de boot niet meer in. In een grote rubber boot varen we de Snake River af. Een gids roeit ons, zo, n 10 pers. rustig met de stroom mee, boomstammen en rotsen ontwijkend en verteld wat er zoal te zien is. Behalve een prachtig uitzicht op de Grand Teton range vandaag niet veel. Wild bedoel ik. Hier en daar wat herten, visarenden en in het begin pronghorns. Een bijzondere ervaring.
We verlaten onze campsite en rijden naar Yellowstone N P. Nog geen 100 km, maar wat een groot verschil in landschap. Hier gaan we ons de komende 4 dagen vermaken. We vinden een campsite in de wildernis, geen stroom, pikke donker, doodstil, alleen bizon, s, beren en wolven in de buurt. Zeggen ze……
2 thermometers, 1 voor binnen en 1 voor buiten, en een dikke slaapzak hebben we gekocht omdat het s’nachts wel heel erg afkoelt. Heerlijk liggen we nu onder een dikke deken, net als vroeger, lekker zwaar. 5 C is het binnen zie ik als ik er s’nachts een keertje uit moet, brrrrrr. Buiten onder 0.
Kijk, een Eland, zegt Anton als hij het gordijn weg trekt Vlak voor onze camper steekt hij over, het is amper licht. Even later komt nr twee, een grote Elandstier, Moose noemen ze die hier. Deze blijft staan grazen en poseren voor iedereen die met de camera in aanslag, sommigen nog in pyjama, hoewel dat weet je nooit zeker hier met die Amerikanen, komt aangelopen. Dat is nog eens leuk ontbijten!
We rijden het Grand Teton N.P. in via de 89. Het uitzicht op de bergen is verbijsterend. In volle glorie richten ze zich op tot meer dan 3.500 mt. Op de vlakte, in de vallei lopen bizon, s en pronghorns.
Signal Mountain campground, de mooiste, aan het grote Jackson Lake.Een heuvelachtig terrein, schaduw plekken, een strandje, een paar plekken waar je de boot te water kunt laten, een grote lodge iets verder op, een restaurant en gratis internet.
Well done, grijnst een Amerikaan in een grote pick-up truck. Een rijtje auto, s staan geduldig te wachten en te kijken hoe Anton feilloos de 25 ft camper achteruit in parkeert op onze site. Ik houd de overhangende takken in de gaten. Pffffffft. We besluiten meteen 2 nachten te blijven.
We wandelen langs het Jackson Lake, zitten op een grote steen ademloos naar de bergen voor ons te kijken. Het is warm, 35c minstens. Bij de lodge halen we informatie, er is een park shuttle die je overal heen rijd.
s’Avonds worden overal om ons heen vuren gestookt. Er is geen stroom dus een mooi gezicht in het donker. Het koelt snel af, de dikke deken komt weer goed van pas.
Om half 7 loop ik langs het meer, de eerste zonnestralen kleuren de bergen, de damp slaat van het meer, het is doodstil. Later nemen we de shuttle naar Jenny Lake, de mooiste plek van de Teton zeggen ze. Met een boot steken we het meer over en lopen we twee trails. Eerst naar de Hidden Falls, een mooie waterval en daarna nog hoger op naar Inspiration point. Het uitzicht is prachtig. Het meer, de bergen, sneeuw en gletsjers. Adem benemend, vooral door de hoogte. In korte tijd zijn we 1000mt gestegen, van +/- 1700 mt naar 2700 mt. We lopen nog een stuk door naar de verborgen Canyon, dan wordt het ons te warm (37c) en dalen weer af naar het meer waar we verkoeling zoeken.
Bibberend sta ik maandag ochtend om 7.00 bij de lodge. Ik ga een boottrip maken op de Snake River, Anton draait zich nog eens lekker om, na de kanotocht in de Okavanga Delta in Botswana, krijg ik hem de boot niet meer in. In een grote rubber boot varen we de Snake River af. Een gids roeit ons, zo, n 10 pers. rustig met de stroom mee, boomstammen en rotsen ontwijkend en verteld wat er zoal te zien is. Behalve een prachtig uitzicht op de Grand Teton range vandaag niet veel. Wild bedoel ik. Hier en daar wat herten, visarenden en in het begin pronghorns. Een bijzondere ervaring.
We verlaten onze campsite en rijden naar Yellowstone N P. Nog geen 100 km, maar wat een groot verschil in landschap. Hier gaan we ons de komende 4 dagen vermaken. We vinden een campsite in de wildernis, geen stroom, pikke donker, doodstil, alleen bizon, s, beren en wolven in de buurt. Zeggen ze……
Terug naar boven
Dag 9: Dinsdag 6 September 2011
Van: Yellowstone NP, WY, United StatesVia: Geyser Basin, Old faithfull. Mammoth Springse.o
Naar: Gardiner., MT, United States
Witte rook…….
Het lijkt er op dat er een nieuwe Paus gekozen is.
We rijden nu drie dagen rond In Yellowstone NP. Het Geyser bassin, eerst een korte ontmoeting met Old Faitfull, die door de ranger hardnekkig a Lady genoemd wordt, terwijl ik meer aan een “hij” dacht. We waren precies op tijd om getuige te zijn van een geweldige uitbarsting van deze Geyser. De ooohs en aaah, s om ons heen laten weten dat we hier niet alleen zitten, we schatten zo, n duizend man op de bankjes en ronddom. We maken nog een kleine wandeling en besluiten later nog eens terug te gaan in de vroege morgen.
Het kamperen in de wildernis is erg mooi. Grote ruime plaatsen, houtvuurtjes overal, en rust. Vooral rust. Het Norris Geyser basin ligt er sprookjesachtig bij. Uren dwalen we rond langs goede trails en blijven ons verbazen. En foto’s maken natuurlijk. Ik probeer met mijn kleine filmcamera ook te filmen, met wisselend succes.
Om half 7 rijden we de campsite af, het is koud, zo rond nul. Overal zien we witte rook. Door de koude nacht zie je de stoom die werkelijk overal uit de grond op rijst veel beter dan overdag. De eerste zonne stralen breken door. Het Biscuit Geyser basin oogt als een sprookje, we krijgen er bijna niet genoeg van. Daarna naar het Blacksand basin waar o.a. de Emeraldpool te zien is.
Langzaam zakken we af naar Old Faitfull waar het nog heerlijk rustig is. We maken de grote wandeling, zo, n twee uur langs de meest bizarre geysers en grotten. We hebben geluk en zien er een paar spuiten die dat zelden doen vlg de bordjes. De Old Faitfull lodge is een klassieker. We zitten even uit te puffen in de lounge en kijken vol verbazing rond naar dit enorme gebouw van 5 verdiepingen hoog, helemaal van hout gebouwd! Het is er inmiddels druk en de mensen staan in de rij voor de diningroom. (leve onze camper) We sluiten af met nog een keer de Old Faitfull te zien losbarsten. We overnachten in Fishing Bridge aan het enorme Yellowstone Lake, hoewel….het IJsselmeer is groter. De camping grenst aan de Yellowstone River en is Bear County. Er mogen geen tenten staan alleen voertuigen met harde wanden. Zou het dan toch……? We hopen al dagen op een bear encounter maar helaas nog geen beer gezien. Het is pikke donker met flonkerende sterren. Om half 7 vertrekken we, zachtjes rijden we de campsite af om vervolgens in een dikke mist te belanden…..van het meer en de rivier slaat zoveel damp af door de enorme temp. verschillen dat we niets zien, ook niet de Bizon die ineens voor ons opduikt! De zon probeert door te breken, maar te vergeefs. Af en toe flarden opklaringen en zicht op de rivier. Bij Mud Volcanos stoppen we voor het ontbijt. Terwijl we eten lopen er drie Bizons langs het raam……en verdwijnen in de mist. Mud Volcanos is weer een heel ander, bizar geologische site. We lopen onhoog langs de verschillende modderpoelen, pruttel potten en bulderende grotten. De zon komt door en het oogt sprookjesachtig.
Ineens staan we oog in oog met een paar bizons, ik film, en terwijl ik dat doe, denk ik “ik sta hier helemaal verkeerd” Uit mijn ooghoek, ik blijf filmen, zie ik Anton op een boomstronk klimmen en ik spring er ook gauw achter. Daarna belanden we in een film, overal komen er Bizons het bos uit de heuvels af en lopen al grazend langs de stoom uitbrakende dampende geysers richting de Yellowstone rivier. Met een handjevol mensen zijn we getuige van dit bijzondere moment.
Helemaal hyper schenken we ons zelf nog eens een kop koffie in…..
The Grand Canyon of Yellowstone is een prachtig natuurverschijnsel met een gigantische waterval. Eerlijk is eerlijk, t, is niet DE Grand Canyon, en de waterval ook niet de Victoria Falls, maar toch zeer de moeite waard. We verkennen de South rim, en wandelen de Uncle Tom’s trail, die afgeraden wordt aan mensen met hart, long en andere lichamelijke klachten. We wagen het er op. We kijken van af de onderkant tegen de waterval op. Het gebulder is oorverdovend. De North rim, die we ook af gaan bied zicht op de bovenkant van de waterval. Ook hier indrukwekkende doorkijkjes. We lunchen bij Inspiration point, lekker brood en een soepje en komen bij van alle excitement.
We steken door naar Norris en gaan naar het noorden naar Mammoth springs. Hier lopen we een deel van de trail langs verschillende kalk terrassen. Mooi, maar niet zo spectaculair als de geysers en tja, ook geen bizons dit keer. We raken een beetjes overvuld van al dat fraais en stoppen er mee.
De campsite in Mammoth is vol, dat is een tegenvaller. Ik bel wat rond en vind een campsite buiten het park bij Gardiner/Jasmine. 3 mijl een dirth road op, voor het eerst dat we dat doen met die enorme bak. Anton loodst ons voorzichtig het smalle weggetje op. We vinden de Eagle Creek campsite op een verlaten plek in de bergen van Gardiner. Stilte, doodse stilte, er is verder niets alleen een toiletgebouwtje. Ik vul een briefje in en doe 7 $ in een enveloppe, n’koopje!! Hier en daar staan wat tentjes en nog een paar campers. Wat een dag!!!
PS.We hebben al een paar dagen geen stroom en laat staan internet. Deze berichten komen dus later bij jullie binnen. Heerlijk rustig trouwens, zo zonder telefoon en verstoken van (wereld) nieuws…..
Het lijkt er op dat er een nieuwe Paus gekozen is.
We rijden nu drie dagen rond In Yellowstone NP. Het Geyser bassin, eerst een korte ontmoeting met Old Faitfull, die door de ranger hardnekkig a Lady genoemd wordt, terwijl ik meer aan een “hij” dacht. We waren precies op tijd om getuige te zijn van een geweldige uitbarsting van deze Geyser. De ooohs en aaah, s om ons heen laten weten dat we hier niet alleen zitten, we schatten zo, n duizend man op de bankjes en ronddom. We maken nog een kleine wandeling en besluiten later nog eens terug te gaan in de vroege morgen.
Het kamperen in de wildernis is erg mooi. Grote ruime plaatsen, houtvuurtjes overal, en rust. Vooral rust. Het Norris Geyser basin ligt er sprookjesachtig bij. Uren dwalen we rond langs goede trails en blijven ons verbazen. En foto’s maken natuurlijk. Ik probeer met mijn kleine filmcamera ook te filmen, met wisselend succes.
Om half 7 rijden we de campsite af, het is koud, zo rond nul. Overal zien we witte rook. Door de koude nacht zie je de stoom die werkelijk overal uit de grond op rijst veel beter dan overdag. De eerste zonne stralen breken door. Het Biscuit Geyser basin oogt als een sprookje, we krijgen er bijna niet genoeg van. Daarna naar het Blacksand basin waar o.a. de Emeraldpool te zien is.
Langzaam zakken we af naar Old Faitfull waar het nog heerlijk rustig is. We maken de grote wandeling, zo, n twee uur langs de meest bizarre geysers en grotten. We hebben geluk en zien er een paar spuiten die dat zelden doen vlg de bordjes. De Old Faitfull lodge is een klassieker. We zitten even uit te puffen in de lounge en kijken vol verbazing rond naar dit enorme gebouw van 5 verdiepingen hoog, helemaal van hout gebouwd! Het is er inmiddels druk en de mensen staan in de rij voor de diningroom. (leve onze camper) We sluiten af met nog een keer de Old Faitfull te zien losbarsten. We overnachten in Fishing Bridge aan het enorme Yellowstone Lake, hoewel….het IJsselmeer is groter. De camping grenst aan de Yellowstone River en is Bear County. Er mogen geen tenten staan alleen voertuigen met harde wanden. Zou het dan toch……? We hopen al dagen op een bear encounter maar helaas nog geen beer gezien. Het is pikke donker met flonkerende sterren. Om half 7 vertrekken we, zachtjes rijden we de campsite af om vervolgens in een dikke mist te belanden…..van het meer en de rivier slaat zoveel damp af door de enorme temp. verschillen dat we niets zien, ook niet de Bizon die ineens voor ons opduikt! De zon probeert door te breken, maar te vergeefs. Af en toe flarden opklaringen en zicht op de rivier. Bij Mud Volcanos stoppen we voor het ontbijt. Terwijl we eten lopen er drie Bizons langs het raam……en verdwijnen in de mist. Mud Volcanos is weer een heel ander, bizar geologische site. We lopen onhoog langs de verschillende modderpoelen, pruttel potten en bulderende grotten. De zon komt door en het oogt sprookjesachtig.
Ineens staan we oog in oog met een paar bizons, ik film, en terwijl ik dat doe, denk ik “ik sta hier helemaal verkeerd” Uit mijn ooghoek, ik blijf filmen, zie ik Anton op een boomstronk klimmen en ik spring er ook gauw achter. Daarna belanden we in een film, overal komen er Bizons het bos uit de heuvels af en lopen al grazend langs de stoom uitbrakende dampende geysers richting de Yellowstone rivier. Met een handjevol mensen zijn we getuige van dit bijzondere moment.
Helemaal hyper schenken we ons zelf nog eens een kop koffie in…..
The Grand Canyon of Yellowstone is een prachtig natuurverschijnsel met een gigantische waterval. Eerlijk is eerlijk, t, is niet DE Grand Canyon, en de waterval ook niet de Victoria Falls, maar toch zeer de moeite waard. We verkennen de South rim, en wandelen de Uncle Tom’s trail, die afgeraden wordt aan mensen met hart, long en andere lichamelijke klachten. We wagen het er op. We kijken van af de onderkant tegen de waterval op. Het gebulder is oorverdovend. De North rim, die we ook af gaan bied zicht op de bovenkant van de waterval. Ook hier indrukwekkende doorkijkjes. We lunchen bij Inspiration point, lekker brood en een soepje en komen bij van alle excitement.
We steken door naar Norris en gaan naar het noorden naar Mammoth springs. Hier lopen we een deel van de trail langs verschillende kalk terrassen. Mooi, maar niet zo spectaculair als de geysers en tja, ook geen bizons dit keer. We raken een beetjes overvuld van al dat fraais en stoppen er mee.
De campsite in Mammoth is vol, dat is een tegenvaller. Ik bel wat rond en vind een campsite buiten het park bij Gardiner/Jasmine. 3 mijl een dirth road op, voor het eerst dat we dat doen met die enorme bak. Anton loodst ons voorzichtig het smalle weggetje op. We vinden de Eagle Creek campsite op een verlaten plek in de bergen van Gardiner. Stilte, doodse stilte, er is verder niets alleen een toiletgebouwtje. Ik vul een briefje in en doe 7 $ in een enveloppe, n’koopje!! Hier en daar staan wat tentjes en nog een paar campers. Wat een dag!!!
PS.We hebben al een paar dagen geen stroom en laat staan internet. Deze berichten komen dus later bij jullie binnen. Heerlijk rustig trouwens, zo zonder telefoon en verstoken van (wereld) nieuws…..
Terug naar boven
Dag 10: Woensdag 7 September 2011
Van: Gardiner, MT, United StatesNaar: Yellowstone NP, WY, United States
Bergen, Bizons en nog eens Bizons.
Om half 7 verlaten we stilletjes de Eagle Creek. De lucht kleurt roze, het beloofd een mooie dag.
In Gardiner maak ik ontbijt en houd het internetcafé a.d. overkant in de gaten. Een aardige man gunt me toegang tot internet en terwijl de locals hun dagelijkse coffee en muffin of donut kopen post ik 2 berichtjes en lees mijn mail. Wat een onzin krijg je zoal binnen merk ik nu . Deleten dus!
We lopen al dagen met de ansichtkaarten rond, geen brievenbus te vinden. Ik vraag het aan een dame die de hond uitlaat, of andersom. Oei, helemaal naar de andere kant van het dorp. Ze ziet mijn aarzeling en bied aan ze voor me te posten. Haar man werkt daar en ze gaat toch zo koffie brengen. Even later wandelt ze die kant op, zwaaiend met het zakje kaarten .Nu maar hopen dat het goed komt .
We rijden door de grote poort , ooit onthult door President Rooseveld, weer het Yellowstone park in en zien meteen een groep Pronghorns rondrennen. Even later lopen er een paar hoog op de richel boven de Gardiner rivier.
We nemen de route naar de noord oost uitgang, door onherbergzaam, verlaten landschappen.Het is nog erg rustig op de weg. In de verte lopen grote kuddes Bizons. We stoppen, Anton klimt op het dak en speurt met de grote kijker de omgeving af. Ik loop een eind de bush in, er staan een paar vissers tot hun liezen in het water te vliegvissen, dus dat moet kunnen. Tussen de bomen scharrelen wat Bizon, s die wil ik fotograferen. Ik kijk goed om me heen en schiet wat plaatjes. Een Bull maakt zich los en komt mijn richting op, dus maak ik rechts omkeert. Niet te snel want dan gaat ie misschien ook rennen. Hij sjokt zo achter me aan naar de weg waar zich inmiddels een groepje kijkers heeft verzameld. Een echtpaar heeft er zelfs de klapstoeltjes bij neer gezet. De Bull loopt richting het publiek en ik naar de camper. Hij steekt de weg over en verdwijnt in de bosjes. Well done!! kraait een Amerikaanse dame , als ze langs loopt. You are a real Bison Whisperer. . Thank you, I could take great shots! Honderden Bizons lopen langs de rivier en op de hellingen. We schenken ons de koffie in en kijken.
Via de Dunraven pas, 2700 mt hoog, met prachtige vergezichten over het park slingeren we langs de Mnt Washburn een 3000 er, naar Canyon Ville. Op de top lunchen we.
Zo gaat de dag voorbij, we zakken af naar het zuiden. We laten de Beartooth Highway aan ons voorbijgaan. Te hoog en te steil met deze grote bak. De handrem heeft ook kuren, en het moet wel leuk blijven. En leuk werd het, in Hayden Valley belanden we in een heuse file. Een grote groep Bizons zorgden voor oponthoud. Al brullend en mokkend staken ze tussen de auto, s en campers de weg over. Heel veel mensen stonden te kijken, heeeeel dichtbij. Gelukkig ging het goed. Wat een schouwspel. Een kleine Coyote zorgde even later weer voor een file kijkers. Al hupsend en springend ving het z,n prooi.
We laten bij een service centrum even naar de handrem kijken. Een jonge man kroop onder de camper door, om de remleiding te bekijken.Als de handrem het maar houd dacht ik nog….. Gelukkig of helaas, niet iets wat nu meteen opgelost diende te worden vlgs de techneut. Vooral slijtage, na vele dienstjaren in de verhuur….zoals zo veel kleine gebreken die we dagelijks ondervinden. Anton z, n Leatherman komt goed van pas en ik plak een rammelend kookrek vast met kauwgom. End of Season zullen we maar zeggen.
Bridge Bay campground is onze eindbestemming. Fraai gelegen aan het Yellowstone Lake. Niet dat we er iets van zien, weggemoffeld op de immense camping (site NR 383) zien we door de bomen het bos niet meer. Stilte, een vuur in de verte en bijna volle maan !
Om half 7 verlaten we stilletjes de Eagle Creek. De lucht kleurt roze, het beloofd een mooie dag.
In Gardiner maak ik ontbijt en houd het internetcafé a.d. overkant in de gaten. Een aardige man gunt me toegang tot internet en terwijl de locals hun dagelijkse coffee en muffin of donut kopen post ik 2 berichtjes en lees mijn mail. Wat een onzin krijg je zoal binnen merk ik nu . Deleten dus!
We lopen al dagen met de ansichtkaarten rond, geen brievenbus te vinden. Ik vraag het aan een dame die de hond uitlaat, of andersom. Oei, helemaal naar de andere kant van het dorp. Ze ziet mijn aarzeling en bied aan ze voor me te posten. Haar man werkt daar en ze gaat toch zo koffie brengen. Even later wandelt ze die kant op, zwaaiend met het zakje kaarten .Nu maar hopen dat het goed komt .
We rijden door de grote poort , ooit onthult door President Rooseveld, weer het Yellowstone park in en zien meteen een groep Pronghorns rondrennen. Even later lopen er een paar hoog op de richel boven de Gardiner rivier.
We nemen de route naar de noord oost uitgang, door onherbergzaam, verlaten landschappen.Het is nog erg rustig op de weg. In de verte lopen grote kuddes Bizons. We stoppen, Anton klimt op het dak en speurt met de grote kijker de omgeving af. Ik loop een eind de bush in, er staan een paar vissers tot hun liezen in het water te vliegvissen, dus dat moet kunnen. Tussen de bomen scharrelen wat Bizon, s die wil ik fotograferen. Ik kijk goed om me heen en schiet wat plaatjes. Een Bull maakt zich los en komt mijn richting op, dus maak ik rechts omkeert. Niet te snel want dan gaat ie misschien ook rennen. Hij sjokt zo achter me aan naar de weg waar zich inmiddels een groepje kijkers heeft verzameld. Een echtpaar heeft er zelfs de klapstoeltjes bij neer gezet. De Bull loopt richting het publiek en ik naar de camper. Hij steekt de weg over en verdwijnt in de bosjes. Well done!! kraait een Amerikaanse dame , als ze langs loopt. You are a real Bison Whisperer. . Thank you, I could take great shots! Honderden Bizons lopen langs de rivier en op de hellingen. We schenken ons de koffie in en kijken.
Via de Dunraven pas, 2700 mt hoog, met prachtige vergezichten over het park slingeren we langs de Mnt Washburn een 3000 er, naar Canyon Ville. Op de top lunchen we.
Zo gaat de dag voorbij, we zakken af naar het zuiden. We laten de Beartooth Highway aan ons voorbijgaan. Te hoog en te steil met deze grote bak. De handrem heeft ook kuren, en het moet wel leuk blijven. En leuk werd het, in Hayden Valley belanden we in een heuse file. Een grote groep Bizons zorgden voor oponthoud. Al brullend en mokkend staken ze tussen de auto, s en campers de weg over. Heel veel mensen stonden te kijken, heeeeel dichtbij. Gelukkig ging het goed. Wat een schouwspel. Een kleine Coyote zorgde even later weer voor een file kijkers. Al hupsend en springend ving het z,n prooi.
We laten bij een service centrum even naar de handrem kijken. Een jonge man kroop onder de camper door, om de remleiding te bekijken.Als de handrem het maar houd dacht ik nog….. Gelukkig of helaas, niet iets wat nu meteen opgelost diende te worden vlgs de techneut. Vooral slijtage, na vele dienstjaren in de verhuur….zoals zo veel kleine gebreken die we dagelijks ondervinden. Anton z, n Leatherman komt goed van pas en ik plak een rammelend kookrek vast met kauwgom. End of Season zullen we maar zeggen.
Bridge Bay campground is onze eindbestemming. Fraai gelegen aan het Yellowstone Lake. Niet dat we er iets van zien, weggemoffeld op de immense camping (site NR 383) zien we door de bomen het bos niet meer. Stilte, een vuur in de verte en bijna volle maan !
Terug naar boven
Dag 12: Vrijdag 9 September 2011
Van: Yellowstone NP., WY, United StatesNaar: Grey Bull, WY, United States
Verbaasd.
Gisteren namen we afscheid van Yellowstone NP.
In stijl. Om 6.30 reden we zachtjes weg van de Bridge Bay campground om nog een keer naar Hayden Valley te gaan en de laatste kans op een beer encounter te benutten. Verbaasd keken we om ons heen, zo anders als gisteren leek de vallei zonder de hordes bizons die toen nog de weg blokkeerden. Mist flarden dreven boven de Yellowstone River langzaam kwam de zon over de bergen. We maakten een ontbijt en wachten af. Het is druk met auto, s en campers. Men verdringt zich op de parkeerplaatsen. Ik ga ook kijken wat er op de heuvel te zien is. Misschien toch een beer??? Anton parkeert de camper verderop. Helaas geen beer maar een groep herten. Die kan ik in de Oostvaardersplassen ook wel zien….Ik zoek Anton op die een heel eind verder staat midden tussen een kudde bizons die op de zon af komen en naar de rivier willen. Tja, wat nu. In de luwte van de langzaam rijdende auto, s loop ik mee, de auto, s als buffer gebruikend tussen mij en de bizons.
Anton wenkt op gewonden, gauw, filmen en foto, s maken, ze lopen links en rechts om ons heen. Geweldig, ik film vanaf ons bed hoe de groep ons passeert. Minder geduldige automobilisten lopen een krasje op als ze er toch langs willen. Dit is net als een olifanten crossing wat we zo vaak in Afrika hebben gezien, wachten en genieten is de enige oplossing.
Een eind verderop vinden we een mooie plek. Met een beker koffie er bij wanen we ons even op de Serengeti terwijl de bizons de Yellowstone River overzwemmen. Het gehuppel van de jonkies heeft wel wat van een Wildbeest. (Gnoe.) Een kalf dreigt te verdrinken als het de verkeerde moeder volgt en halverwege terug zwemt. Gelukkig vindt het later z, n moeder terug. Het geluid is indrukwekkend, de stieren grommen en snurken, met af en toe stoom uit de neusgaten vechtend om de koe. Het is bronst tijd en de big bulls vechten af en toe om de vrouwtjes. We zien overal in het park eenzame bulls die uitgerangeerd zijn en solitair rond zwerven. Auto’s komen en gaan, klik/klak een foto en weer weg. We zien binnen een half uur het veld volledig veranderen, de kudde heeft zich verspreid en zijn nu nog stippen in de verte. Met een diepe zucht nemen we afscheid van Yellowstone . Via Lake Side en de Sylvan Pass,(2500mt.) door de Absaroka Range met adembenemende vergezichten rijden we via de Oost ingang het park uit op weg naar Cody.
In Greybull zoeken we een camping.Campbell Green Oasis, whats in a name…..Een vriendelijke dame in een soort babydoll, wijst ons de plek. Mooi onder de boom, dat wel, maar de buren akelig dicht naast ons en dat zijn we niet meer gewend. De eindeloze treinen die we onderweg zagen blijken net achter ons te rangeren en te laden en lossen en met een enthousiast geloei weer te vertrekken. Ja, ook snacht,s…… gelukkig hebben we bij de Wallmart inkopen gedaan en heb ik mijn favoriete earplugs weer aangevuld.
Verbaasd keek Wessel vanochtend toen hij Opa en Oma op de computer zag. Heerlijk om even te kunnen skypen. Verdrietig toen hij de computer uit mocht doen en Opa weer weg was. Gelukkig schakelde mama nog weer even in en zagen wij z’n dikke tranen en konden nog even zwaaien en nog een kusje geven.
Verbaasd keken we om ons heen, 265 mijl, steeds wisselende landschappen, hoge bergen, de Big Horn Mountains met hoge passen, waar de remmen warm lopen bij het afdalen, woeste ravijnen, compleet lege onbewoonde gebieden met Ja knikkers, die veelal niet knikken, een enorme kolen gestookte centrale etc. In sommige gidsen wordt deze route als saai omschreven, wij vinden het afwisselend en het maakt ons nieuwsgierig en we blijven ons verbazen. Waar leeft men van, waar gaan de kinderen naar school, en wat als je ziek wordt?
Belle Fource Campground, in het State park aan de voet van de Devils Tower strijken we neer. Een vrouwlijke ranger op leeftijd, heet ons van harte welkom en wenst ons een nice evening. Ik vul het bekende briefje in, stop 12 $ in de enveloppe en we zoeken een plek onder de grote bomen.
Verbaasd kijken we naar de enorme monoliet, 386 mt hoog,( 1.560 mt boven zeeniveau) Van af de campground hebben we er een mooi zicht op. Het is warm, zo, n 30 graden,we eten lekker buiten en ik denk dat de dikke slaapzak er wel af kan vannacht.
Gisteren namen we afscheid van Yellowstone NP.
In stijl. Om 6.30 reden we zachtjes weg van de Bridge Bay campground om nog een keer naar Hayden Valley te gaan en de laatste kans op een beer encounter te benutten. Verbaasd keken we om ons heen, zo anders als gisteren leek de vallei zonder de hordes bizons die toen nog de weg blokkeerden. Mist flarden dreven boven de Yellowstone River langzaam kwam de zon over de bergen. We maakten een ontbijt en wachten af. Het is druk met auto, s en campers. Men verdringt zich op de parkeerplaatsen. Ik ga ook kijken wat er op de heuvel te zien is. Misschien toch een beer??? Anton parkeert de camper verderop. Helaas geen beer maar een groep herten. Die kan ik in de Oostvaardersplassen ook wel zien….Ik zoek Anton op die een heel eind verder staat midden tussen een kudde bizons die op de zon af komen en naar de rivier willen. Tja, wat nu. In de luwte van de langzaam rijdende auto, s loop ik mee, de auto, s als buffer gebruikend tussen mij en de bizons.
Anton wenkt op gewonden, gauw, filmen en foto, s maken, ze lopen links en rechts om ons heen. Geweldig, ik film vanaf ons bed hoe de groep ons passeert. Minder geduldige automobilisten lopen een krasje op als ze er toch langs willen. Dit is net als een olifanten crossing wat we zo vaak in Afrika hebben gezien, wachten en genieten is de enige oplossing.
Een eind verderop vinden we een mooie plek. Met een beker koffie er bij wanen we ons even op de Serengeti terwijl de bizons de Yellowstone River overzwemmen. Het gehuppel van de jonkies heeft wel wat van een Wildbeest. (Gnoe.) Een kalf dreigt te verdrinken als het de verkeerde moeder volgt en halverwege terug zwemt. Gelukkig vindt het later z, n moeder terug. Het geluid is indrukwekkend, de stieren grommen en snurken, met af en toe stoom uit de neusgaten vechtend om de koe. Het is bronst tijd en de big bulls vechten af en toe om de vrouwtjes. We zien overal in het park eenzame bulls die uitgerangeerd zijn en solitair rond zwerven. Auto’s komen en gaan, klik/klak een foto en weer weg. We zien binnen een half uur het veld volledig veranderen, de kudde heeft zich verspreid en zijn nu nog stippen in de verte. Met een diepe zucht nemen we afscheid van Yellowstone . Via Lake Side en de Sylvan Pass,(2500mt.) door de Absaroka Range met adembenemende vergezichten rijden we via de Oost ingang het park uit op weg naar Cody.
In Greybull zoeken we een camping.Campbell Green Oasis, whats in a name…..Een vriendelijke dame in een soort babydoll, wijst ons de plek. Mooi onder de boom, dat wel, maar de buren akelig dicht naast ons en dat zijn we niet meer gewend. De eindeloze treinen die we onderweg zagen blijken net achter ons te rangeren en te laden en lossen en met een enthousiast geloei weer te vertrekken. Ja, ook snacht,s…… gelukkig hebben we bij de Wallmart inkopen gedaan en heb ik mijn favoriete earplugs weer aangevuld.
Verbaasd keek Wessel vanochtend toen hij Opa en Oma op de computer zag. Heerlijk om even te kunnen skypen. Verdrietig toen hij de computer uit mocht doen en Opa weer weg was. Gelukkig schakelde mama nog weer even in en zagen wij z’n dikke tranen en konden nog even zwaaien en nog een kusje geven.
Verbaasd keken we om ons heen, 265 mijl, steeds wisselende landschappen, hoge bergen, de Big Horn Mountains met hoge passen, waar de remmen warm lopen bij het afdalen, woeste ravijnen, compleet lege onbewoonde gebieden met Ja knikkers, die veelal niet knikken, een enorme kolen gestookte centrale etc. In sommige gidsen wordt deze route als saai omschreven, wij vinden het afwisselend en het maakt ons nieuwsgierig en we blijven ons verbazen. Waar leeft men van, waar gaan de kinderen naar school, en wat als je ziek wordt?
Belle Fource Campground, in het State park aan de voet van de Devils Tower strijken we neer. Een vrouwlijke ranger op leeftijd, heet ons van harte welkom en wenst ons een nice evening. Ik vul het bekende briefje in, stop 12 $ in de enveloppe en we zoeken een plek onder de grote bomen.
Verbaasd kijken we naar de enorme monoliet, 386 mt hoog,( 1.560 mt boven zeeniveau) Van af de campground hebben we er een mooi zicht op. Het is warm, zo, n 30 graden,we eten lekker buiten en ik denk dat de dikke slaapzak er wel af kan vannacht.
Terug naar boven
Dag 14: Zondag 11 September 2011
Van: Devils Tower., SD, United StatesVia: Devils Tower, Mt Rushmore, Crazy Horse, Blackhills.
Naar: Elk Creek campground, bij Rapid Cit, SD, United States
Rondje om de kerk.
Zo voelde het toen we als eersten aan de wandeling om de Devils Tower begonnen. De zon kleurde de enorme monoliet geel en groen. Twee bergbeklimmers hingen al in de touwen op weg naar de top. Grote arenden cirkelen rondjes. De trail loopt om de berg heen, een heilige berg voor de Indianen, gebed vlaggetjes en kledingstukken in bomen getuigen daarvan. Vandaar dat rondje om de kerk. Als we weer op de parking komen stromen de Japanners en andere bustoeristen ons tegemoet. Timing is evrything…..
We trekken verder door de Black Hills en prairies via New Castle naar Custer en Custer state Park. We houden het kort vandaag en stoppen op een campsite in Black Hills State Forest. a 12 $. Het is heel vroeg donker ineens, zijn we weer een tijdzone overgegaan?
Mount Rushmore, wie kent het niet? De enorme in rotsen uitgehouwen hoofden van 4 Amerikaanse Presidenten? We rijden een immense parkeerplaats op, ik vraag aan de parkeer wachter hoe laat het is. 7.40 Mam, gelukkig we zijn toch nog bij de tijd. Via een indrukwekkende entree, stenen collums van alle staten en hun vlaggen er op lopen we naar het grote terras waar we een fantastisch zicht hebben op het kunstwerk. Er zijn nog bijna geen mensen, een ranger hijst de vlag, we zijn onder de indruk. We lopen de Presidential trail, we komen slechts twee mensen tegen, en genieten in alle rust en stilte van dit bijzondere werk. In het Carvers café drinken we een heerlijke cappuccino, de eerste busladingen zijn inmiddels gearriveerd en zitten aan het ontbijt in deze sfeer volle ruimte.
Het kan nog gekker, we rijden naar Crazy Horse Monument. Gisteren vingen we al een glimp op van dit enorme kunstwerk, kleurend in de na middagzon boven de Black Hills uit starend over de eeuwige jachtvelden. De oprit er naar toe is imposant, het ligt nl veel verder weg dan je denkt. We parkeren de camper en nemen (verplicht) de bus. In een gele schoolbus rijden we naar het bouwwerk toe. Crazy Horse, een Indianen Chief, wordt hier op zijn paard uit de rotsen gehouwen. 6 x groter dan Mt Rushmore, hoger dan de piramide van Gizeh, de obelisk in Washington.etc. Werk lieden zien we als poppetjes boven aan het werk, ze zijn met de hand bezig die vooruit wijst naar zijn jachtgronden de Black Hills. (Kijk maar eens op Google Earth )
Daarna zien we de film, de tentoonstellingen, craft shops etc. Inmiddels is het druk geworden en we zoeken een rustige plek aan een meer om te lunchen.
Deadwood, een stadje hier verderop, waar ooit de Goldrush begon en het Wilde Westen ontstond. Een toeristische attractie met saloons, steakhouses, kunst en kitch winkels, heeeeel veel kitch. De oude gebouwen zijn mooi gerestaureerd, het stadje kan zo figureren in een Western film, wat dan ook vaak gebeurd is. Elke avond herleven de oude tijden en schieten ze elkaar nog eens overhoop. Voor een paar dollar mag je mee doen.
Deadwood is een gokstad, Las Vegas in mini formaat. We kruipen ook eens achter zo, n speel machine, we doen maar wat, we snappen niet echt hoe het werkt maar trekken er toch nog een paar dollar winst uit. Er staat een levensgrote Bizon in de hal van het steakhouse annex gokhal. Een Amerikaanse familie parkeert Opa in een rolstoel onder de Bizon voor een foto. De oude bijziende man kijkt verschrikt omhoog. “No Dad, he is not real”. Anton gaat er ook even naast staan, voor Wessel. “Aaien?” Het lijkt trouwens wel bejaarden dag, alleen maar ouderen die hier rondlopen en met verbeten trekken achter de speelautomaten zitten. Ik pas er prima tussen vandaag, mijn heup speelt weer op en ik loop al even beroerd als de oudjes hier.
Op het Elk Creek ressort komen we bij van alle indrukken en komen tot de conclusie dat we meer mensen zijn van de natuur. Daarom duiken we morgen de Badlands in.
Zo voelde het toen we als eersten aan de wandeling om de Devils Tower begonnen. De zon kleurde de enorme monoliet geel en groen. Twee bergbeklimmers hingen al in de touwen op weg naar de top. Grote arenden cirkelen rondjes. De trail loopt om de berg heen, een heilige berg voor de Indianen, gebed vlaggetjes en kledingstukken in bomen getuigen daarvan. Vandaar dat rondje om de kerk. Als we weer op de parking komen stromen de Japanners en andere bustoeristen ons tegemoet. Timing is evrything…..
We trekken verder door de Black Hills en prairies via New Castle naar Custer en Custer state Park. We houden het kort vandaag en stoppen op een campsite in Black Hills State Forest. a 12 $. Het is heel vroeg donker ineens, zijn we weer een tijdzone overgegaan?
Mount Rushmore, wie kent het niet? De enorme in rotsen uitgehouwen hoofden van 4 Amerikaanse Presidenten? We rijden een immense parkeerplaats op, ik vraag aan de parkeer wachter hoe laat het is. 7.40 Mam, gelukkig we zijn toch nog bij de tijd. Via een indrukwekkende entree, stenen collums van alle staten en hun vlaggen er op lopen we naar het grote terras waar we een fantastisch zicht hebben op het kunstwerk. Er zijn nog bijna geen mensen, een ranger hijst de vlag, we zijn onder de indruk. We lopen de Presidential trail, we komen slechts twee mensen tegen, en genieten in alle rust en stilte van dit bijzondere werk. In het Carvers café drinken we een heerlijke cappuccino, de eerste busladingen zijn inmiddels gearriveerd en zitten aan het ontbijt in deze sfeer volle ruimte.
Het kan nog gekker, we rijden naar Crazy Horse Monument. Gisteren vingen we al een glimp op van dit enorme kunstwerk, kleurend in de na middagzon boven de Black Hills uit starend over de eeuwige jachtvelden. De oprit er naar toe is imposant, het ligt nl veel verder weg dan je denkt. We parkeren de camper en nemen (verplicht) de bus. In een gele schoolbus rijden we naar het bouwwerk toe. Crazy Horse, een Indianen Chief, wordt hier op zijn paard uit de rotsen gehouwen. 6 x groter dan Mt Rushmore, hoger dan de piramide van Gizeh, de obelisk in Washington.etc. Werk lieden zien we als poppetjes boven aan het werk, ze zijn met de hand bezig die vooruit wijst naar zijn jachtgronden de Black Hills. (Kijk maar eens op Google Earth )
Daarna zien we de film, de tentoonstellingen, craft shops etc. Inmiddels is het druk geworden en we zoeken een rustige plek aan een meer om te lunchen.
Deadwood, een stadje hier verderop, waar ooit de Goldrush begon en het Wilde Westen ontstond. Een toeristische attractie met saloons, steakhouses, kunst en kitch winkels, heeeeel veel kitch. De oude gebouwen zijn mooi gerestaureerd, het stadje kan zo figureren in een Western film, wat dan ook vaak gebeurd is. Elke avond herleven de oude tijden en schieten ze elkaar nog eens overhoop. Voor een paar dollar mag je mee doen.
Deadwood is een gokstad, Las Vegas in mini formaat. We kruipen ook eens achter zo, n speel machine, we doen maar wat, we snappen niet echt hoe het werkt maar trekken er toch nog een paar dollar winst uit. Er staat een levensgrote Bizon in de hal van het steakhouse annex gokhal. Een Amerikaanse familie parkeert Opa in een rolstoel onder de Bizon voor een foto. De oude bijziende man kijkt verschrikt omhoog. “No Dad, he is not real”. Anton gaat er ook even naast staan, voor Wessel. “Aaien?” Het lijkt trouwens wel bejaarden dag, alleen maar ouderen die hier rondlopen en met verbeten trekken achter de speelautomaten zitten. Ik pas er prima tussen vandaag, mijn heup speelt weer op en ik loop al even beroerd als de oudjes hier.
Op het Elk Creek ressort komen we bij van alle indrukken en komen tot de conclusie dat we meer mensen zijn van de natuur. Daarom duiken we morgen de Badlands in.
Terug naar boven
Dag 16: Dinsdag 13 September 2011
Van: Elk Creek campground, SD, United StatesVia: Wall Drug
Naar: Badland NP, SD, United States
Erwtensoep!!
Badlands, de naam zegt het al, Slecht land, oftewel slechte grond. Een dorre woestenij, een sterk geërodeerd landschap van grillige bergen, formaties van verschillende lagen gesteenten in verschillende kleuren. Ronde, platte, puntige, gekartelde, in formaties als een groot kasteel. Een kilometers lang kasteel. Gisterenmiddag reden we hier het Badlands NP binnen en genoten op de overlooks van de mooie vergezichten. Toen nog in de stralende zon. Op de Cedar Creek campground vonden we een mooie plek met vrij zicht op de grillige bergen.
Die ochtend stonden we op met regen, de regendans van de Indianen had succes vlg. Anton. Tegen de middag knapte het op, in Wall, een niet te missen stadje aan de Interstate 90 East, dat met honderd reclame borden de aandacht trekt. Zo ook de onze, in de Wall Drug ingang No 4, in een enorm groot café drinken we koffie met een donut en kijken ons weer de ogen uit. Het hele gebouw hangt vol met schilderijen en prenten, echt mooie dingen hangen er bij. Het geheel ademt natuurlijk de western sfeer. In de vele winkels kun je van je dollars af, mits je iets fatsoenlijks vindt. Op naar de Badlands dus. De wolken nemen af en we wandelen nog een uurtje rond.
Om 3 uur word ik wakker, het regent, en niet zo, n beetje ook en wat is het koud!! Rillend kruip ik dieper onder de dekens. Om 7 uur ziet het er niet beter uit, we slapen uit. Badlands dus, letterlijk. Het regent hier twee dagen in september, nu dus……
Laat in de ochtend gaan we toch maar de bergen in. Ondanks de regen en de kou is het een fantastisch gezicht. Op de overlooks waai je echt uit je jack. We steken af door de prairie grasslands. Er lopen honderden koeien, zover je kunt kijken, zwarte koeien. Helaas geen Bizons.
In de lodge is een restaurant, we gaan om op te warmen en een Bisonburger te eten. De lodge wordt door Indianen uitgebaat. Ze moeten nog veel leren……..Toen verlangde ik hevig naar erwten soep met rookworst, passend bij deze Badlands….
In een deken gewikkeld schrijf ik dit stukje, onze kachel heeft kuren. Anton bestudeerd de handleiding. Tot nu toe zonder succes.
Wat wil je drinken vraag ik, doe maar warme chocolade melk, en een kruik!
Badlands, de naam zegt het al, Slecht land, oftewel slechte grond. Een dorre woestenij, een sterk geërodeerd landschap van grillige bergen, formaties van verschillende lagen gesteenten in verschillende kleuren. Ronde, platte, puntige, gekartelde, in formaties als een groot kasteel. Een kilometers lang kasteel. Gisterenmiddag reden we hier het Badlands NP binnen en genoten op de overlooks van de mooie vergezichten. Toen nog in de stralende zon. Op de Cedar Creek campground vonden we een mooie plek met vrij zicht op de grillige bergen.
Die ochtend stonden we op met regen, de regendans van de Indianen had succes vlg. Anton. Tegen de middag knapte het op, in Wall, een niet te missen stadje aan de Interstate 90 East, dat met honderd reclame borden de aandacht trekt. Zo ook de onze, in de Wall Drug ingang No 4, in een enorm groot café drinken we koffie met een donut en kijken ons weer de ogen uit. Het hele gebouw hangt vol met schilderijen en prenten, echt mooie dingen hangen er bij. Het geheel ademt natuurlijk de western sfeer. In de vele winkels kun je van je dollars af, mits je iets fatsoenlijks vindt. Op naar de Badlands dus. De wolken nemen af en we wandelen nog een uurtje rond.
Om 3 uur word ik wakker, het regent, en niet zo, n beetje ook en wat is het koud!! Rillend kruip ik dieper onder de dekens. Om 7 uur ziet het er niet beter uit, we slapen uit. Badlands dus, letterlijk. Het regent hier twee dagen in september, nu dus……
Laat in de ochtend gaan we toch maar de bergen in. Ondanks de regen en de kou is het een fantastisch gezicht. Op de overlooks waai je echt uit je jack. We steken af door de prairie grasslands. Er lopen honderden koeien, zover je kunt kijken, zwarte koeien. Helaas geen Bizons.
In de lodge is een restaurant, we gaan om op te warmen en een Bisonburger te eten. De lodge wordt door Indianen uitgebaat. Ze moeten nog veel leren……..Toen verlangde ik hevig naar erwten soep met rookworst, passend bij deze Badlands….
In een deken gewikkeld schrijf ik dit stukje, onze kachel heeft kuren. Anton bestudeerd de handleiding. Tot nu toe zonder succes.
Wat wil je drinken vraag ik, doe maar warme chocolade melk, en een kruik!
Terug naar boven
Dag 19: Vrijdag 16 September 2011
Van: Badlands NP, SD, United StatesVia: road trip Nebraska
Naar: Estes Park, CO, United States
t ‘Is wat hè?
Een veel door ons gebruikte uitspraak deze reis “tís wat hè?” Meestal gevolgd door “ongelooflijk”.
Ook vandaag weer, na een paar korte wandelingen in Badland NP waar we te midden van de meest bizarre formaties liepen, verlieten we dit fraaie park. Ik betrapte mezelf op het neuriën van “Zandkasteel, een zandkasteel aan zee……” (Robin zou al deze zandkastelen erg mooi gevonden hebben.) en zuchtte tís wat hè?
We besloten van de gebaande hy ways af te wijken en via Farmroads af te zakken naar het westen. Dat hebben we geweten, eindeloze akkers, graan, gras, zonnebloemen, heel veel zonnebloemen, heuvels met koeien, maïs, heuvels met paarden, kilometers niets, maar dan ook niets te zien.
Bij sommige boeren lag het graan hoog op getast als een piramide, gewoon buiten op het erf. Het regent dus bijna niet hier. Grote glanzende silo’s zag je ook. Bijna geen verkeer. We reden door Indianen reservaat, beetje treurige aanblik van vervallen huisjes in kleine dorpjes.
Zo gleden de kilometers onder ons weg. In de wijde omtrek geen camping te bekennen, na zo, n 300 km waren we wel aan rust toe. Ik klopte aan bij een boerderij, wel 50 katten liepen op het erf, overal kwamen ze vandaan en liepen achter me aan naar het woonhuis. ( Beetje rattenvanger van Hamelen….) Van de boer mochten we op zijn land staan, achter de hooibalen en tussen de landbouwmachines. Van uit ons slaapkamerraam kijken we verder het erf op. Tís wat hé?
De volgende ochtend maakten we een praatje met Chat, de boer. Zijn achternaam kon ik niet verstaan, hier in Nebraska hebben ze zo hun eigen interpretatie van het Engels. Hij vroeg belangstellend naar het boeren in Nederland. Op de Winding River Ranch hebben ze zo’n 400 stuks vlees koeien. Verspreid over kilometers graslanden.
De rowling Hills van Nebraska, we hebben ze gezien. Het duizelde ons, links werd rechts en noord werd zuid. Wat op de kaart 1 lange weg leek, bleek toch een kleine afzwaaier te hebben. Terwijl we probeerden uit te vinden waar we in Godsnaam waren dook er uit het niets een Highway Patrole Policeman op. Behulpzaam draaide hij de kaart en zette ons op het goede spoor. Een uur uit de richting, pfffff. Zelfs na drie weken rond reizen verkijken we ons nog op de enorme afstanden en leegte. Je bepaald op zo’n dag niet waar je heen wilt, je ziet wel hoever je komt. Tot Glendo Lake, om 3 uur houden we het voor gezien, vierkante ogen van het kijken en de geest is overvol.
In de wildernis is er een campground, simpeler kan het haast niet, een grindplateau, een picknick tafel en een vuurpit, die niet mag branden vanwege het hoge brandgevaar.
Uitwaaien wilde ik, mijn hoofd leeg maken. We liepen langs het meer, grote herten sprongen voor ons uit, arenden cirkelden boven ons hoofd, de wind was inmiddels aangewakkerd tot stormachtig. Rillend trokken we ons terug in de camper.
Via de Interstate 25 South zoeven we naar de Rocky Mountains. Even geen binnen weggetjes meer. In Estes Park komen we in een kermisachtige drukte terecht, het lijkt wel of iedereen de laatste? stralende zondag de bergen in wil. We zijn het niet meer gewend, zoveel mensen en winkels. De campsites in het park zijn allemaal al vol, dat is een tegenvaller. We draaien om en schieten de eerste de beste RV campsite op. Phoe…..wel 49,50 $ ! Maar we kijken wel uit op de toppen van de Rockies en hebben full hook up en……internet.
Om 3 uur hangen we achter over en kijken alleen maar. De km teller laat zien dat we in 2,5e dag zo’n beetje van Lelystad naar Zuid Frankrijk zijn gereden!!
Ik zei het al, “tís wat hè?
Een veel door ons gebruikte uitspraak deze reis “tís wat hè?” Meestal gevolgd door “ongelooflijk”.
Ook vandaag weer, na een paar korte wandelingen in Badland NP waar we te midden van de meest bizarre formaties liepen, verlieten we dit fraaie park. Ik betrapte mezelf op het neuriën van “Zandkasteel, een zandkasteel aan zee……” (Robin zou al deze zandkastelen erg mooi gevonden hebben.) en zuchtte tís wat hè?
We besloten van de gebaande hy ways af te wijken en via Farmroads af te zakken naar het westen. Dat hebben we geweten, eindeloze akkers, graan, gras, zonnebloemen, heel veel zonnebloemen, heuvels met koeien, maïs, heuvels met paarden, kilometers niets, maar dan ook niets te zien.
Bij sommige boeren lag het graan hoog op getast als een piramide, gewoon buiten op het erf. Het regent dus bijna niet hier. Grote glanzende silo’s zag je ook. Bijna geen verkeer. We reden door Indianen reservaat, beetje treurige aanblik van vervallen huisjes in kleine dorpjes.
Zo gleden de kilometers onder ons weg. In de wijde omtrek geen camping te bekennen, na zo, n 300 km waren we wel aan rust toe. Ik klopte aan bij een boerderij, wel 50 katten liepen op het erf, overal kwamen ze vandaan en liepen achter me aan naar het woonhuis. ( Beetje rattenvanger van Hamelen….) Van de boer mochten we op zijn land staan, achter de hooibalen en tussen de landbouwmachines. Van uit ons slaapkamerraam kijken we verder het erf op. Tís wat hé?
De volgende ochtend maakten we een praatje met Chat, de boer. Zijn achternaam kon ik niet verstaan, hier in Nebraska hebben ze zo hun eigen interpretatie van het Engels. Hij vroeg belangstellend naar het boeren in Nederland. Op de Winding River Ranch hebben ze zo’n 400 stuks vlees koeien. Verspreid over kilometers graslanden.
De rowling Hills van Nebraska, we hebben ze gezien. Het duizelde ons, links werd rechts en noord werd zuid. Wat op de kaart 1 lange weg leek, bleek toch een kleine afzwaaier te hebben. Terwijl we probeerden uit te vinden waar we in Godsnaam waren dook er uit het niets een Highway Patrole Policeman op. Behulpzaam draaide hij de kaart en zette ons op het goede spoor. Een uur uit de richting, pfffff. Zelfs na drie weken rond reizen verkijken we ons nog op de enorme afstanden en leegte. Je bepaald op zo’n dag niet waar je heen wilt, je ziet wel hoever je komt. Tot Glendo Lake, om 3 uur houden we het voor gezien, vierkante ogen van het kijken en de geest is overvol.
In de wildernis is er een campground, simpeler kan het haast niet, een grindplateau, een picknick tafel en een vuurpit, die niet mag branden vanwege het hoge brandgevaar.
Uitwaaien wilde ik, mijn hoofd leeg maken. We liepen langs het meer, grote herten sprongen voor ons uit, arenden cirkelden boven ons hoofd, de wind was inmiddels aangewakkerd tot stormachtig. Rillend trokken we ons terug in de camper.
Via de Interstate 25 South zoeven we naar de Rocky Mountains. Even geen binnen weggetjes meer. In Estes Park komen we in een kermisachtige drukte terecht, het lijkt wel of iedereen de laatste? stralende zondag de bergen in wil. We zijn het niet meer gewend, zoveel mensen en winkels. De campsites in het park zijn allemaal al vol, dat is een tegenvaller. We draaien om en schieten de eerste de beste RV campsite op. Phoe…..wel 49,50 $ ! Maar we kijken wel uit op de toppen van de Rockies en hebben full hook up en……internet.
Om 3 uur hangen we achter over en kijken alleen maar. De km teller laat zien dat we in 2,5e dag zo’n beetje van Lelystad naar Zuid Frankrijk zijn gereden!!
Ik zei het al, “tís wat hè?
Terug naar boven
Dag 22: Maandag 19 September 2011
Van: Rocky Mountain NP, CO, United StatesNaar: Rocky Mountain NP, CO, United States
De Rocky’s.
Met tintelende vingers probeer ik mijn mini film cameraatje te bedienen, terwijl mijn adem wolkjes om mijn hoofd vormen. Het is kwart voor zeven, de zon komt net over de bergen en het vriest.
In de verte lopen grote groepen edelherten, elken zoals ze hier genoemd worden. Het is doodstil alleen het geburl van de grote bokken verbreekt de stilte. Dat was gisteren avond wel anders. Een heuse file van wel 75 auto’s, mensen met grote camera’s op statieven verdrongen zich aan de rand van de Moraine om het spektakel van de burlende edelherten en gevechten tussen de bokken te aanschouwen. Er staan zelfs verkeerregelaars bij…..
Anton en ik zijn achter onze camper de heuvel over gelopen en hebben een prachtig overzicht. Voor ons een beetje merkwaardig dat half Denver en ver daarbuiten, uitloopt om dit te zien. Wij hebben immers duizend edelherten in de achtertuin, de Oostvaarders plassen. Waarom maakt dit dan zoveel indruk? Is het de setting? Omgeven door drieduizenders die boven de Moraine uitsteken, de frisse ijle lucht, we zitten op 2450 mt, maakt het absoluut spectaculair.
Het lijkt al zo lang geleden maar we zijn pas twee dagen in de Rocky Mountains NP. Een dag/nacht stonden we bij Aspenglend op bijna 3000 mt. Dat voelden we toen we een stuk van de Deer Mountains trail liepen door de Horseshoe vallei en omhoog de bossen in. Later zaten we in de zon uit te blazen aan de Fall River die over de camping loopt. Een mooie warming up voor de volgende dag.
Om 7 uur rijden we de camping af, proberen tevergeefs nog wat elken te zien in de meadows van Horseshoe park. We ontbijten onder de steile rotsen van de Endo Valley aan de Horseshoe River. De eerste zonnestralen raken net de grond. Doodse stilte, een enkel eekhoorntje verzameld zijn wintervoorraad. Onderweg naar de campground Moraine Park stoppen we op mooie overlooks en hebben fraai zicht op de hoge pieken van de Rocky Mountains. Met moeite lukt het ons een plekje te veroveren. De buitengewoon vriendelijke parkrangers doen hun uiterste best als ze horen dat we uit Nederland komen. ( Oh, how nice, I have a cousin in Sweden…..) om ons een mooi plekje te geven.
Ik sta naar adem te happen, gelukkig is er zoveel te zien om me heen en te fotograferen dat het niet opvalt. We naderen de 3000mt.grens.
Super relaxed zijn we met de shuttle bus naar Bear Lake gegaan. In een half uur overbruggen we nog eens 500 mt. Het uitzicht op de bergtoppen is fantastisch. Het is fris hier, jas aan en muts mee. We bekijken 4 meren, die boven elkaar liggen en gevoed worden door gletsjers en bergstroompjes. Bear Lake is de makkelijkste, een eenvoudige rondwandeling van krap 1 km. Duidelijk te merken aan het type wandelaars. We laten ons niet kennen en klimmen vervolgens naar Nymfe Lake, waar waterlelies op drijven, naar het grootste meer Dream Lake wat prachtig verstild ligt tussen de hoge kale met sneeuw bedekte bergen en donkere sparren bossen. Een waterval leidt ons naar het Emerald Lake, een klein bergmeertje op zo, n 3000mt. De wind giert over de kale bergtoppen, donkere wolken drijven rond de toppen. De terugtocht is een makkie, in een uur dalen we weer af. Voldaan stappen we weer in de shuttlebus. 3 uur gelopen, zo, n 11 km, waarvan 2 uur alleen maar geklommen. Na het eten begint dan het spektakel waar ik het eerder over had.
We maken ons op voor een koude nacht, het lijkt te gaan vriezen.
Na mijn vroege uitstapje warm ik in de camper weer op. Na het ontbijt lopen we naar het westen de camping af, we willen een rondje Moraine park lopen en kijken waar de drie groepen elken zich ophouden. De zon schijnt, het is aangenaam wandelweer. Hier en daar zien we een eenzame bok, een groepje hindes onder de struiken. We drinken koffie op een rots met uitzicht over de Moraine en de omringende bergen. In een stuk bos treffen we een groep van 30 hindes en een bok. Waakzaam staart hij naar ons. Als er een bok uit de verte klaaglijk roept, brult hij terug. Ik neem na 3,5 uur lopen de shuttle bus naar de camping, Anton loopt nog een uurtje door.
Met tintelende vingers probeer ik mijn mini film cameraatje te bedienen, terwijl mijn adem wolkjes om mijn hoofd vormen. Het is kwart voor zeven, de zon komt net over de bergen en het vriest.
In de verte lopen grote groepen edelherten, elken zoals ze hier genoemd worden. Het is doodstil alleen het geburl van de grote bokken verbreekt de stilte. Dat was gisteren avond wel anders. Een heuse file van wel 75 auto’s, mensen met grote camera’s op statieven verdrongen zich aan de rand van de Moraine om het spektakel van de burlende edelherten en gevechten tussen de bokken te aanschouwen. Er staan zelfs verkeerregelaars bij…..
Anton en ik zijn achter onze camper de heuvel over gelopen en hebben een prachtig overzicht. Voor ons een beetje merkwaardig dat half Denver en ver daarbuiten, uitloopt om dit te zien. Wij hebben immers duizend edelherten in de achtertuin, de Oostvaarders plassen. Waarom maakt dit dan zoveel indruk? Is het de setting? Omgeven door drieduizenders die boven de Moraine uitsteken, de frisse ijle lucht, we zitten op 2450 mt, maakt het absoluut spectaculair.
Het lijkt al zo lang geleden maar we zijn pas twee dagen in de Rocky Mountains NP. Een dag/nacht stonden we bij Aspenglend op bijna 3000 mt. Dat voelden we toen we een stuk van de Deer Mountains trail liepen door de Horseshoe vallei en omhoog de bossen in. Later zaten we in de zon uit te blazen aan de Fall River die over de camping loopt. Een mooie warming up voor de volgende dag.
Om 7 uur rijden we de camping af, proberen tevergeefs nog wat elken te zien in de meadows van Horseshoe park. We ontbijten onder de steile rotsen van de Endo Valley aan de Horseshoe River. De eerste zonnestralen raken net de grond. Doodse stilte, een enkel eekhoorntje verzameld zijn wintervoorraad. Onderweg naar de campground Moraine Park stoppen we op mooie overlooks en hebben fraai zicht op de hoge pieken van de Rocky Mountains. Met moeite lukt het ons een plekje te veroveren. De buitengewoon vriendelijke parkrangers doen hun uiterste best als ze horen dat we uit Nederland komen. ( Oh, how nice, I have a cousin in Sweden…..) om ons een mooi plekje te geven.
Ik sta naar adem te happen, gelukkig is er zoveel te zien om me heen en te fotograferen dat het niet opvalt. We naderen de 3000mt.grens.
Super relaxed zijn we met de shuttle bus naar Bear Lake gegaan. In een half uur overbruggen we nog eens 500 mt. Het uitzicht op de bergtoppen is fantastisch. Het is fris hier, jas aan en muts mee. We bekijken 4 meren, die boven elkaar liggen en gevoed worden door gletsjers en bergstroompjes. Bear Lake is de makkelijkste, een eenvoudige rondwandeling van krap 1 km. Duidelijk te merken aan het type wandelaars. We laten ons niet kennen en klimmen vervolgens naar Nymfe Lake, waar waterlelies op drijven, naar het grootste meer Dream Lake wat prachtig verstild ligt tussen de hoge kale met sneeuw bedekte bergen en donkere sparren bossen. Een waterval leidt ons naar het Emerald Lake, een klein bergmeertje op zo, n 3000mt. De wind giert over de kale bergtoppen, donkere wolken drijven rond de toppen. De terugtocht is een makkie, in een uur dalen we weer af. Voldaan stappen we weer in de shuttlebus. 3 uur gelopen, zo, n 11 km, waarvan 2 uur alleen maar geklommen. Na het eten begint dan het spektakel waar ik het eerder over had.
We maken ons op voor een koude nacht, het lijkt te gaan vriezen.
Na mijn vroege uitstapje warm ik in de camper weer op. Na het ontbijt lopen we naar het westen de camping af, we willen een rondje Moraine park lopen en kijken waar de drie groepen elken zich ophouden. De zon schijnt, het is aangenaam wandelweer. Hier en daar zien we een eenzame bok, een groepje hindes onder de struiken. We drinken koffie op een rots met uitzicht over de Moraine en de omringende bergen. In een stuk bos treffen we een groep van 30 hindes en een bok. Waakzaam staart hij naar ons. Als er een bok uit de verte klaaglijk roept, brult hij terug. Ik neem na 3,5 uur lopen de shuttle bus naar de camping, Anton loopt nog een uurtje door.
Terug naar boven
Dag 24: Woensdag 21 September 2011
Van: Moraine Campground, CO, United StatesVia: Trail Ridge Road
Naar: Grand Lake., CO, United States
En toen…..
We hadden ons verheugd op een herhaling van het edelherten spektakel van de vorige avond. Dik ingepakt, (pyjamabroek, lange mouwen, windjack en muts.) het was inmiddels behoorlijk gaan waaien en donkere wolken pakten zich samen boven de vallei, daalden we af naar de weilanden waar drie groepen elken zich ophielden. Er gebeurde niets! Diep weg gedoken lagen ze in het lange gras en achter de bosjes. De wind trok aan en het begon te hagelen, tja geen weer voor een romantisch avontuur. Koud tot op het bot trokken we ons terug in de camper. Eerst maar eten dan.
De buien trokken over, Anton trok de warme kleren weer aan en ging kijken. Ik kon het ook niet laten dus ook weer naar buiten. De bergtoppen om ons heen waren duidelijk witter geworden, de lucht was weer schoon en ja hoor de elken gingen weer in de aanval. Mooie afsluiting van een mooie dag.
0 c op de thermometer, (die hangt binnen boven de deur.)Als ik het niet dacht!
Om 7 uur reden we de Moraine Campground af. We kijken met veel genoegen terug op ons verblijf hier. Drinkwater innemen ging niet, de kraan was bevroren, zelfs met een keteltje water lukte het niet. Gelukkig hebben we nog genoeg in voorraad.
De Trail Ridge Road staat voor vandaag op het programma. Na de Beartooth Highway, de most scenic byway, a must see vlg de boeken. Spannend we gaan over bergpassen van meer dan 3300 mt. Het is stralend weer en we kijken ons (alweer) de ogen uit. 40 mijl is de route, 12 gemarkeerde stopplaatsen die allemaal bijzonder zijn, ik ga ze niet allemaal opnoemen. Ik film als we omhoog kronkelen en de bergtoppen bijna onder ons laten, we wandelen op 3300 mt en happen naar adem op de Toendra. Een Arctisch landschap, zoals in Alaska, noord Canada en Siberië. Daar ontmoeten een echtpaar, where are you guys from….. Ahhhhh, my husband is born in Friesland. Een dominee uit Denver, Dirk uit Oudenga…… Zij maken een foto van ons samen, de tweede van deze reis waar we samen opstaan.
Een lange stoet jongelui, komt ons tegemoet, gewapend met bezems, kruiwagens, emmers en schoppen, meer en minder enthousiast. We vragen ons af, wat gaan die doen hier op 3000mt op de Toendra. Is dit een taakstraf??, Halt jongeren?? Ik vraag het aan een meisje, wat gaan jullie doen? Eerlijk gezegd…ik heb geen idee, zei ze. Een jongen met een kruiwagen wist het wel, ze gingen de Trail bijwerken, die hier en daar wat afbrokkelde. t’Was ons niet opgevallen. Twee leraren die de club begeleiden riep “ we kunnen trots zijn op onze studenten “. Op de parkeerplaats stonden drie gele schoolbussen.
Het Alpine Visitor Center ligt op een strategisch punt waar je mooi zicht hebt op de omliggende bergen, de toendra en 65 ml verderop gelegen Medicine Bow range. We zijn hard aan koffie toe na zoveel fraais.
Wat omhoog gaat moet ook weer naar beneden, zo ook de Trail Ridge Road. Anton schakelt naar de 2e versnelling en heel geleidelijk draaien we met mooie bochten weer af naar het niveau waar we ook begonnen. 2500 mt. We spotten nog een eland met een jong langs de nog kleine, smalle Colorado rivier, die hier ontspringt en nog een lange weg te gaan heeft naar de Pacific Ocean.
Aan het Grand Lake zitten we in de namiddagzon op de Green Ridge campground nog na te genieten van deze mooie dag.
We hadden ons verheugd op een herhaling van het edelherten spektakel van de vorige avond. Dik ingepakt, (pyjamabroek, lange mouwen, windjack en muts.) het was inmiddels behoorlijk gaan waaien en donkere wolken pakten zich samen boven de vallei, daalden we af naar de weilanden waar drie groepen elken zich ophielden. Er gebeurde niets! Diep weg gedoken lagen ze in het lange gras en achter de bosjes. De wind trok aan en het begon te hagelen, tja geen weer voor een romantisch avontuur. Koud tot op het bot trokken we ons terug in de camper. Eerst maar eten dan.
De buien trokken over, Anton trok de warme kleren weer aan en ging kijken. Ik kon het ook niet laten dus ook weer naar buiten. De bergtoppen om ons heen waren duidelijk witter geworden, de lucht was weer schoon en ja hoor de elken gingen weer in de aanval. Mooie afsluiting van een mooie dag.
0 c op de thermometer, (die hangt binnen boven de deur.)Als ik het niet dacht!
Om 7 uur reden we de Moraine Campground af. We kijken met veel genoegen terug op ons verblijf hier. Drinkwater innemen ging niet, de kraan was bevroren, zelfs met een keteltje water lukte het niet. Gelukkig hebben we nog genoeg in voorraad.
De Trail Ridge Road staat voor vandaag op het programma. Na de Beartooth Highway, de most scenic byway, a must see vlg de boeken. Spannend we gaan over bergpassen van meer dan 3300 mt. Het is stralend weer en we kijken ons (alweer) de ogen uit. 40 mijl is de route, 12 gemarkeerde stopplaatsen die allemaal bijzonder zijn, ik ga ze niet allemaal opnoemen. Ik film als we omhoog kronkelen en de bergtoppen bijna onder ons laten, we wandelen op 3300 mt en happen naar adem op de Toendra. Een Arctisch landschap, zoals in Alaska, noord Canada en Siberië. Daar ontmoeten een echtpaar, where are you guys from….. Ahhhhh, my husband is born in Friesland. Een dominee uit Denver, Dirk uit Oudenga…… Zij maken een foto van ons samen, de tweede van deze reis waar we samen opstaan.
Een lange stoet jongelui, komt ons tegemoet, gewapend met bezems, kruiwagens, emmers en schoppen, meer en minder enthousiast. We vragen ons af, wat gaan die doen hier op 3000mt op de Toendra. Is dit een taakstraf??, Halt jongeren?? Ik vraag het aan een meisje, wat gaan jullie doen? Eerlijk gezegd…ik heb geen idee, zei ze. Een jongen met een kruiwagen wist het wel, ze gingen de Trail bijwerken, die hier en daar wat afbrokkelde. t’Was ons niet opgevallen. Twee leraren die de club begeleiden riep “ we kunnen trots zijn op onze studenten “. Op de parkeerplaats stonden drie gele schoolbussen.
Het Alpine Visitor Center ligt op een strategisch punt waar je mooi zicht hebt op de omliggende bergen, de toendra en 65 ml verderop gelegen Medicine Bow range. We zijn hard aan koffie toe na zoveel fraais.
Wat omhoog gaat moet ook weer naar beneden, zo ook de Trail Ridge Road. Anton schakelt naar de 2e versnelling en heel geleidelijk draaien we met mooie bochten weer af naar het niveau waar we ook begonnen. 2500 mt. We spotten nog een eland met een jong langs de nog kleine, smalle Colorado rivier, die hier ontspringt en nog een lange weg te gaan heeft naar de Pacific Ocean.
Aan het Grand Lake zitten we in de namiddagzon op de Green Ridge campground nog na te genieten van deze mooie dag.
Terug naar boven
Dag 26: Vrijdag 23 September 2011
Van: Grand Lake, CO, United StatesVia: Nederland, Idaho Springs, Beaver Pond. e.o.
Naar: Chatfield State park., CO, United States
Nederland.
Wat lijkt het al weer lang geleden dat we aan het Grand Lake op een prachtige plek tussen de goud geel gekleurde populieren stonden. Changing of the leaves, de herfstkleuren, ook al weer een reden voor de Amerikanen om massaal af te reizen naar de Rocky’s. Mooi om te zien hoe de berghellingen kleuren tussen al de donker groene spar en dennen bossen. (Onze herfstkleuren zijn mooier vanwege de variatie in bomen en blad.)
We waren het niet van plan, terug te gaan het park in. Het is zo, n stralende ochtend, na een vrieskoude nacht, dat we nog een keer de Moose en Elken willen zien bij de rivier. Om half 8 passeren we voor de zoveelste keer een parkingang. Blij verrast begint de vrouwelijke ranger Nederlands te praten toen ze mijn i d zag. Ze heeft, zo vertelt ze, een paar jaar in Voorschoten gewoond, en is blij weer even Nederlands te kunnen praten. Prettige dag en tot ziens roept ze ons na met een zwaar Amerikaans accent.
De damp slaat van het meer en de rivier. Alles om ons heen is berijpt. Ons geduld wordt beloond, uit het niets verschijnt een Eland, kalmpjes grazend aan de oever van een spiegel meertje. Opeens een tumult en gebrul van een elk, vlak achter ons op de weg probeert een grote bok zijn geliefde in het gareel te houden. Twee Amerikanen met grote camera’s en statieven hollen er achter aan, ik hobbel mee met m’n Panasonic/Lumixje….. Twee prachtige foto’s heb ik van de bok kunnen nemen.
We wandelen lekker in het inmiddels warme zonnetje, het bos in. Oeps. Jachtgebied staat er. Een eindje verderop staan twee jonge mannen, geheel in camouflage kleding gestoken koffie te drinken. Ze zijn bewapend met een boog, van metaal, en pijlen. Ze kijken een beetje vreemd naar Anton’s rode fleece jack en mijn rode muts.
Het venijn zit in de staart, we rijden nu echt de Rocky’s uit richting Idaho Springs en moeten nog (weer) een hoge bergpas over. De Berthoud Pass, 11.315 ft, een dikke 3000 mt, die weer de nodige stuurmanskunst van Anton vergt. Hier ook weer de Continental Divide, de waterscheiding. Het uitzicht op de Rocky Mountains in het noorden en de Mt Evans, in het zuiden is geweldig.
Idaho Springs is een grote Yard Sale, rommelmarkt, zo lijkt het……De oude huizen in Mainstreet zien er mooi gerestaureerd uit, leuke gevels en leuke cafeetjes maar een beetje sfeerloos. Kan ook aan ons liggen maar we zoeken gauw een campsite op. In de bossen aan de Cottonwood rivier loodst de eigenaar Anton op een ongelooflijk krappe plek. Op 40 cm afstand van de snel stromende rivier.( niet aan de verkeerde kant uitstappen dus vannacht!) Hij krijgt applaus van overburen die kwamen kijken….. T,lijkt een beetje op een luxe woonwagen kamp met veel vaste trailers en zo.
We hebben een dag over!! Extra tijd dus, wat gaan we doen? Stadjes zijn aan ons niet zo besteed dus we rijden weer de bergen in en gaan op zoek naar Nederland. Een klein dorp aan een scenic byway, (lees veel bochten en hoge steile wanden) waar het wel gezellig is. Het is warm, 25c, eindelijk kan die dikke spijkerbroek uit!! We slenteren op ons gemak rond, zitten zelfs op een terras. In het visitor center prikken we onder gejuich en applaus een punaise op de kaart van Nederland. Zo zetten we Lelystad weer eens op de kaart. (smile). Sundance heet het restaurant met een groot terras en uitzicht op de bergen waar de zon langzaam achter verdwijnt. We staan nu echt voor de allerlaatste keer op een National Forest Camping.(zucht…) en genieten van de rust, de geur van de houtvuren en het gelach van 2 families verderop.
Relaxed.
Met een diepe zucht laten we ons achterover op de kingsize boxspring vallen………
Ik kijk op mijn horloge, 11.15 am. Genietend van deze luxe denk ik aan de afgelopen dagen. Zo zit je nog in de bergen, in Nederland. Een lange, lange afdaling door een mooie canyon bracht ons in Boulder waar we de I.25 South op draaien naar Denver. Zondagochtend, lekker rustig, hoewel in Denver het toch opletten geblazen is. Ik heb gebeld naar het inleverstation voor een camping in de buurt. Veel campgrounds zijn al dicht nl. Chatfield Lake campground, ook in een State Park, ligt op 8 ml afstand. Ik krijg de schrik van mijn leven als ik het bordje Full zie hangen. Er is in de verste verte geen andere campground hier te vinden. Een babbeltje met de jongeman bij de receptie doet wonderen. Formeel moet hij wachten tot 12 uur, dan kan hij de vrije plaatsen weer weggeven! Als we even later ook nog een bos sleutels van een speedboot brengen die Anton zag liggen, krijg ik een mooie plaats toegewezen.
Het is warm, veel dagjesmensen met boten op het grote meer. Dit is de beste campsite die we gehad hebben. Ruime plek, vrij uitzicht, full hook up voor 26 $.
Shop till you drop!!
Een middag geven we ons over aan het shoppen. Castle Rock heeft een grote outlet factory. Echt groot, waar je je per auto verplaatst naar het volgende blok…….. Spot goedkoop, vooral met deze dollar koers. De creditcard maakt overuren.
Voor de laatste keer zien we de zon achter de bergen verdwijnen, het meer ligt er spiegelglad bij. We pakken onze tassen in en beginnen aan de eind schoonmaak. Ontspannen slapen we de laatste nacht in de camper.
Ruim 5000 km hebben we gereden, zo voelt het niet. Om 10 uur leveren we de camper af, schoner dan we hem kregen……. Geen schade, dus de borg krijgen we terug.
Een local staat met een supergrote auto te wachten op een vrachtje. We maken een deal en voor 130 $ brengt hij ons met al onze bagage naar het La Quinta Hotel en Suites. (70 km. Ruim een uur rijden van Castle Rock naar Denver North.)
Straks lekker in de zon bij het zwembad, nog een middag genieten van de warmte en de zon.
Wat lijkt het al weer lang geleden dat we aan het Grand Lake op een prachtige plek tussen de goud geel gekleurde populieren stonden. Changing of the leaves, de herfstkleuren, ook al weer een reden voor de Amerikanen om massaal af te reizen naar de Rocky’s. Mooi om te zien hoe de berghellingen kleuren tussen al de donker groene spar en dennen bossen. (Onze herfstkleuren zijn mooier vanwege de variatie in bomen en blad.)
We waren het niet van plan, terug te gaan het park in. Het is zo, n stralende ochtend, na een vrieskoude nacht, dat we nog een keer de Moose en Elken willen zien bij de rivier. Om half 8 passeren we voor de zoveelste keer een parkingang. Blij verrast begint de vrouwelijke ranger Nederlands te praten toen ze mijn i d zag. Ze heeft, zo vertelt ze, een paar jaar in Voorschoten gewoond, en is blij weer even Nederlands te kunnen praten. Prettige dag en tot ziens roept ze ons na met een zwaar Amerikaans accent.
De damp slaat van het meer en de rivier. Alles om ons heen is berijpt. Ons geduld wordt beloond, uit het niets verschijnt een Eland, kalmpjes grazend aan de oever van een spiegel meertje. Opeens een tumult en gebrul van een elk, vlak achter ons op de weg probeert een grote bok zijn geliefde in het gareel te houden. Twee Amerikanen met grote camera’s en statieven hollen er achter aan, ik hobbel mee met m’n Panasonic/Lumixje….. Twee prachtige foto’s heb ik van de bok kunnen nemen.
We wandelen lekker in het inmiddels warme zonnetje, het bos in. Oeps. Jachtgebied staat er. Een eindje verderop staan twee jonge mannen, geheel in camouflage kleding gestoken koffie te drinken. Ze zijn bewapend met een boog, van metaal, en pijlen. Ze kijken een beetje vreemd naar Anton’s rode fleece jack en mijn rode muts.
Het venijn zit in de staart, we rijden nu echt de Rocky’s uit richting Idaho Springs en moeten nog (weer) een hoge bergpas over. De Berthoud Pass, 11.315 ft, een dikke 3000 mt, die weer de nodige stuurmanskunst van Anton vergt. Hier ook weer de Continental Divide, de waterscheiding. Het uitzicht op de Rocky Mountains in het noorden en de Mt Evans, in het zuiden is geweldig.
Idaho Springs is een grote Yard Sale, rommelmarkt, zo lijkt het……De oude huizen in Mainstreet zien er mooi gerestaureerd uit, leuke gevels en leuke cafeetjes maar een beetje sfeerloos. Kan ook aan ons liggen maar we zoeken gauw een campsite op. In de bossen aan de Cottonwood rivier loodst de eigenaar Anton op een ongelooflijk krappe plek. Op 40 cm afstand van de snel stromende rivier.( niet aan de verkeerde kant uitstappen dus vannacht!) Hij krijgt applaus van overburen die kwamen kijken….. T,lijkt een beetje op een luxe woonwagen kamp met veel vaste trailers en zo.
We hebben een dag over!! Extra tijd dus, wat gaan we doen? Stadjes zijn aan ons niet zo besteed dus we rijden weer de bergen in en gaan op zoek naar Nederland. Een klein dorp aan een scenic byway, (lees veel bochten en hoge steile wanden) waar het wel gezellig is. Het is warm, 25c, eindelijk kan die dikke spijkerbroek uit!! We slenteren op ons gemak rond, zitten zelfs op een terras. In het visitor center prikken we onder gejuich en applaus een punaise op de kaart van Nederland. Zo zetten we Lelystad weer eens op de kaart. (smile). Sundance heet het restaurant met een groot terras en uitzicht op de bergen waar de zon langzaam achter verdwijnt. We staan nu echt voor de allerlaatste keer op een National Forest Camping.(zucht…) en genieten van de rust, de geur van de houtvuren en het gelach van 2 families verderop.
Relaxed.
Met een diepe zucht laten we ons achterover op de kingsize boxspring vallen………
Ik kijk op mijn horloge, 11.15 am. Genietend van deze luxe denk ik aan de afgelopen dagen. Zo zit je nog in de bergen, in Nederland. Een lange, lange afdaling door een mooie canyon bracht ons in Boulder waar we de I.25 South op draaien naar Denver. Zondagochtend, lekker rustig, hoewel in Denver het toch opletten geblazen is. Ik heb gebeld naar het inleverstation voor een camping in de buurt. Veel campgrounds zijn al dicht nl. Chatfield Lake campground, ook in een State Park, ligt op 8 ml afstand. Ik krijg de schrik van mijn leven als ik het bordje Full zie hangen. Er is in de verste verte geen andere campground hier te vinden. Een babbeltje met de jongeman bij de receptie doet wonderen. Formeel moet hij wachten tot 12 uur, dan kan hij de vrije plaatsen weer weggeven! Als we even later ook nog een bos sleutels van een speedboot brengen die Anton zag liggen, krijg ik een mooie plaats toegewezen.
Het is warm, veel dagjesmensen met boten op het grote meer. Dit is de beste campsite die we gehad hebben. Ruime plek, vrij uitzicht, full hook up voor 26 $.
Shop till you drop!!
Een middag geven we ons over aan het shoppen. Castle Rock heeft een grote outlet factory. Echt groot, waar je je per auto verplaatst naar het volgende blok…….. Spot goedkoop, vooral met deze dollar koers. De creditcard maakt overuren.
Voor de laatste keer zien we de zon achter de bergen verdwijnen, het meer ligt er spiegelglad bij. We pakken onze tassen in en beginnen aan de eind schoonmaak. Ontspannen slapen we de laatste nacht in de camper.
Ruim 5000 km hebben we gereden, zo voelt het niet. Om 10 uur leveren we de camper af, schoner dan we hem kregen……. Geen schade, dus de borg krijgen we terug.
Een local staat met een supergrote auto te wachten op een vrachtje. We maken een deal en voor 130 $ brengt hij ons met al onze bagage naar het La Quinta Hotel en Suites. (70 km. Ruim een uur rijden van Castle Rock naar Denver North.)
Straks lekker in de zon bij het zwembad, nog een middag genieten van de warmte en de zon.
Aantal keren bezocht: 7229